dyslexie wetenschap

Een dyslexie nerd?

“de  b-a-l  rrr-olde o-p  ssttrr-a-at”. Een zin die er bij veel kinderen met dyslexie vaak moeizaam uitkomt. Met spanning worden zinnen gelezen en gevoelens van falen en onzekerheid komen vaak om de hoek kijken. Het uitspreken van het woordje ‘leeuw’ kan al een hele bevalling zijn. Nou geloof me, dit gevoel was mij gisteren niet vreemd. Ik heb geen dyslexie, zeker niet. Verre van misschien zelfs wel, maar toch hadden mijn onzekerheid, mijn spanning en mijn uiteindelijke vermoeidheid na grote inspanning wel degelijk te maken met dyslexie.

Het lijkt misschien vanzelfsprekend. Vanzelfsprekend hoe wekelijks de ene dyslexiebehandeling logisch op de andere volgt. De ene week oefen je met de –eer, -oor en -eur, de andere week oefen je de –sch en de –schr. Logisch, systematisch en vanzelfsprekend is het op het eerste oog. Maar deze ogenschijnlijke vanzelfsprekende dyslexiebehandelingen zijn tot stand gekomen dankzij veel wetenschappelijke kennis.

Wetenschappelijke kennis, nog niet eens halverwege het woord en het merendeel van de mensen haakt al af. Wetenschap, vaak geassocieerd met woorden als ‘ingewikkeld’, ‘saai’ en vaak ook met ‘nerds’. Oef, ik zou hem toch niet zo willen noemen gisteren. Gisteren stond ik namelijk oog in oog met professor Perfetti. Voor velen van jullie geen bekende naam, maar in de wereld van de dyslexie is het een grote. Of, zoals sommige zuiderlingen zouden zeggen: een HEULE grote. Geen nerd, nee dat niet. Wel een heel slimme man. Slim op het gebied van het brein en slim op het gebied van dyslexie.

Zoals sommigen van jullie wellicht weten werk ik bij Marant als orthopedagoog, orthopedagoog in de meest specifieke zin van het woord. Ik heb mij gespecialiseerd in dyslexie en buig mij sinds enkele jaren over de vraag: zijn de dyslexiebehandelingen eigenlijk wel effectief? Een nerd, ja zo zou je me dan kunnen noemen, want ook ik ben daarmee direct verbonden aan de wereld van de wetenschap en ja, ik doe ingewikkelde analyses en ontdekkingen. ONTDEKKINGEN ja! Als eerste weet ik na dagen, weken en maanden van ploeteren aan de hand van getallen (F (1,108)=43.23, p=.04, ή=.02) wat werkt, of het werkt H0: µ1=µ2?, waarom het werkt (denken-denken-denken), of.. in sommige gevallen waarom iets niet werkt (F(1,08)=156.098, p=.069). Al afgehaakt? Haak nu dan maar weer aan..!

Niets geen nerd, ingewikkeld dat wel. Saai? Allerminst. Ik kan wel zeggen dat dyslexie en vooral het onderzoek ernaar inmiddels een hobby van mij is geworden. Een hobby, maar zeker geen eenvoudige. Waar het lezen van een voor ons op het oog eenvoudige zin, voor kinderen met dyslexie een ware ramp kan zijn, is het overleg met bobo’s in de wereld van de wetenschap voor mij iets waar ik soms met knikkende knieën sta. Professoren van het hoogste niveau, waarbij ik soms van de spanning al struikel over mijn eigen naam. ‘Hello’ zei ik, ‘Hello, my name is Tilanus, LLiesbeth Tilanus you know.. from the Radboud University and the Marant company’. *ALSOF ZE IN AMERIKA MARANT KENNEN?* Oh, ik kon wel door de grond zakken (!) Lachend keek de prof mij dan ook vragend aan. Met lood in mijn benen toch mijn doel bereikt. Kennis vergroot en terug naar Marant om weer een stap dichterbij het antwoord te komen en mijn steentje bij te dragen aan dat wat Marant voorop stelt: de kwaliteit van onze dyslexiezorg analyseren om het uiteindelijk te kunnen garanderen.

Orthopedagoog | Promovendus Radboud Universiteit | Effectonderzoek dyslexiebehandelingen | presentaties en vakbijeenkomsten over dyslexie | Marant

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *